Henk en Ingrid. En Anja.

“Henk en Anja betalen voor Achmed en Fatima,” zei Geert Wilders laatst in een debat met voormalig PVDA-leider Wouter Bos. Maar niet veel later – tijdens de presentatie van het verkiezingsprogramma - zei hij: “Henk en Ingrid zijn de mensen die het niet cadeau krijgen.” Henk en Ingrid dus. En Anja.

Er gaat niets boven een goed gekozen naam, dat weten ouders al die voor hun kroost moeilijk verzonnen namen verzinnen zoals ‘Pheadra’ of ‘Philipine’. Want zo’n ingewikkelde naam zegt ook iets over de intelligentie en de ‘artistieke gelaagdheid’ van de ouders. Daarom torsen veel kinderen nodeloos zware namen met zich mee, terwijl ze liever gewoon Henk of Thea hadden geheten. Ook de politiek heeft sinds kort de kracht van de voornaam ontdekt. Zo haalde PvdA-fractievoorzitter Mariëtte Hamer plotseling ‘buurman Joost’ aan en sprak CDA-fractievoorzitter Pieter van Geel over ‘baby Sophie’.

Ingrid. Dat zou ik best kunnen zijn.

Ergens is het is ook wel logisch dat politici steeds meer overstappen op voornamen. Het is toch aansprekender dan termen als ‘de burger’ en ‘het land’. Want dan wil de luisteraar als snel weten wíe de politicus precies met die burger bedoelt. En dan kom je uit bij Anja. Of Sophie. Of Joost. “Henk en Ingrid hebben één of twee kinderen die naar school gaan,” legt Wilders uit. “Ze gaan één of twee keer per jaar op vakantie. Ze moeten echter de prijs betalen voor een falende overheid.” Het gaat de politici erom dat de burger zichzelf herkent in de naam. Dat zij denken: Ingrid. Dat zou ik best kunnen zijn. Het zorgt ervoor dat de band tussen burger en politicus hechter wordt.

Ik ben Ben

Maar niet alleen politici maken gebruik van de kracht van voornamen. Ook fabrikanten zie je de laatste jaren zichzelf steeds meer presenteren als ‘mens’: Ben, Ilse en Alice. Daarnaast zijn er natuurlijk de tijdschriften, zoals Gerda en Linda, die daar gretig gebruik van maken. Door voornamen te gebruiken wordt het merk menselijker en échter, waardoor de afstand tussen het product en de consument minder groot is. Ben is immers ook gewoon een mens! Het merk is persoonlijk en toegankelijk, en daarmee één van ons. Een voornaam als merknaam suggereert een zekere vertrouwdheid en nabijheid. Niets voor niets noemt Albert Heijn - dat zelf vasthoudt aan zijn oude en complete naam – zijn online supermarkt Albert.

De nieuwe eeuw bracht een ware babyboom van merken die alleen uit een voornaam bestaan. En nu politici ook de kracht van de voornaam hebben ontdekt, zullen we steeds scherper moeten blijven op die grens tussen mens, politiek en product.

Renske Jonkman was tekstschrijver bij Lamar communicatie

Meer blogs van Renske